Van Macau tot Maastricht: Een Wereldreis door het Bijgeloof van Gokkers

Gokken en bijgeloof gaan al duizenden jaren hand in hand. Waar geluk en toeval het verschil maken tussen winst en verlies, ontstaat onvermijdelijk de menselijke behoefte om het lot een handje te helpen. Van blazen op dobbelstenen tot het dragen van rode onderbroeken: gokkers wereldwijd hebben hun eigen rituelen ontwikkeld om de godin Fortuna gunstig te stemmen. Die culturele verschillen worden extra zichtbaar wanneer spelers kijken naar buitenlandse Online Casinos, waar gewoontes, symbolen en opvattingen over geluk soms sterk kunnen afwijken van wat Nederlandse spelers gewend zijn. En hoe nuchter wij Nederlanders onszelf ook vinden, ook hier ontkomen we er niet aan. Tijd voor een antropologische reis door de meest fascinerende, vreemde en soms ronduit grappige gokbijgeloven van de wereld.

Nederland: nuchter? Denk nog eens na

Wij Nederlanders staan internationaal bekend om onze nuchterheid, maar zodra het Oudejaarslot in de verkoop gaat, blijkt daar weinig van over. Uit representatief onderzoek van Motivaction in opdracht van de Staatsloterij bleek dat 49% van de Nederlanders een Oudejaarslot koopt – en dat we daarbij verrassend bijgelovig zijn. Maar liefst 28% van de spelers koopt zijn lot altijd in dezelfde winkel, vaak een verkooppunt waar ooit een grote prijs is gevallen. Sommigen rijden er kilometers voor om.

Het gaat nog gekker: 23% visualiseert dat ze al gewonnen hebben, 17% doet weleens een schietgebedje voor het lot, en 12% heeft zijn lot zelfs gekust voor wat extra geluk. Eenzelfde percentage praat tegen het lot. Voor 6% gaat het zelfs zo ver dat ze een waarzegger raadplegen over hun winkansen.

Het favoriete Nederlandse geluksgetal is overduidelijk de zeven. Een op de drie Nederlanders speelt met een geluksgetal en de eindcijfer-7 wint het met afstand. Daarna volgen geboortedata van zichzelf (12%) of van partner en kinderen (7%). Verkopers van loten herkennen deze patronen maar al te goed. Klanten leggen hun loten thuis bij een Mariabeeldje, bewaren ze in een mapje met klavertjes vier, of wachten geduldig tot “die ene verkoper die geluk brengt” beschikbaar is.

China en Macau: de tirannie van het getal vier

Nergens ter wereld is gokbijgeloof zo verweven met de cultuur als in China. Het getal vier (?, sì) klinkt bijna identiek aan het woord voor dood (?, s?), wat het tot een absoluut taboe maakt. In veel casino’s in Macau – het Las Vegas van Azië – ontbreekt de vierde verdieping volledig, net zoals etages eindigend op 4, 14 of 24. Het getal acht (?, b?) daarentegen klinkt als het woord voor welvaart en wordt zo gretig gezocht dat speeltafels, kamernummers en zelfs telefoonnummers met meerdere achten torenhoge prijzen opbrengen.

De rest van het Chinese gokbijgeloof is even kleurrijk. Rood is de kleur van geluk, en het is voor veel Chinese gokkers gebruikelijk om rode onderkleding te dragen aan de speeltafel. Geld tellen tijdens het spel brengt pech. Seks vóór een belangrijke gokavond is uit den boze. Monniken en nonnen tegenkomen op weg naar het casino? Slecht voorteken – beter omdraaien.

De legendarische opening van het MGM Grand in Las Vegas illustreert hoe serieus deze overtuigingen worden genomen. Op de openingsdag bleef de Aziatische clientèle volledig weg. De reden? De grote leeuwenbeelden bij de ingang werden gezien als brengers van ongeluk. Het casino verwijderde ze prompt en groeide daarna uit tot een van de populairste casino’s van Vegas.

Italië: tussen smorfia en rode lingerie

In Italië draait gokbijgeloof grotendeels om de smorfia napoletana, een eeuwenoud systeem waarbij dromen en gebeurtenissen worden vertaald naar getallen voor de loterij. Droomde je over je oma? Speel 47. Een hond op straat? 9. De smorfia is in Napels een serieuze culturele instelling, compleet met boekjes die generaties lang worden doorgegeven.

Daarnaast dragen Italianen graag rode onderkleding tijdens oudjaar om geluk af te dwingen in het nieuwe jaar – een traditie die opvallend dicht in de buurt komt van het Chinese gebruik, maar er volledig los van is ontstaan. Voor wie naar het casino gaat, zijn er ook specifieke gebaren tegen het boze oog, zoals het “corno”, een hoorntje dat aan een ketting wordt gedragen.

Verenigde Staten: het verboden woord aan de craps-tafel

Wie ooit een craps-tafel in Vegas heeft bezocht, weet dat één woord daar bijna heilig vermeden wordt: “seven”. Tijdens het zogeheten “point” mag een speler de zeven niet uitspreken, want dat zou onmiddellijk een verloren worp veroorzaken. Spelers verwijzen er omslachtig naar als “the devil”, “it” of “big red”.

Een andere typisch Amerikaanse eigenaardigheid is de afkeer van het biljet van vijftig dollar. In Amerikaanse casino’s zie je vrijwel geen spelers met dit biljet rondlopen. Er hangt volgens sommigen letterlijk een vloek op het bedrag, mogelijk teruggaand op verhalen uit de tijd van de cowboys, toen lichamen van vermoorde gokkers naar verluidt werden begraven met een biljet van vijftig dollar in de zak.

En dan is er nog de regel die overal ter wereld lijkt te gelden, maar in Amerika bijzonder strikt: tel nooit je geld aan de tafel. Het is niet alleen onbeleefd, het brengt ook regelrechte pech.

Rusland: niet groeten over de drempel

Russen hebben een fascinerend ritueel: je schudt nooit iemand de hand over een drempel heen, en zeker niet voordat je gaat gokken. De drempel werd in de Slavische volkstraditie gezien als de plek waar geesten huisden, en een handdruk daarboven zou ruzie, pech of zelfs ziekte brengen. Veel oudere Russen weigeren bovendien om over zaken te praten als er een lege fles op tafel staat – en al helemaal niet voordat ze hun geluk gaan beproeven.

Japan: katten, karpers en cijfers

In Japan worden bepaalde dieren beschouwd als geluksbrengers in de gokwereld. De Maneki-neko, het wuivende kattenbeeldje dat je bij elke ingang van een Japanse zaak ziet staan, wordt geacht klanten én geluk binnen te halen. De koi-karper symboliseert volharding en succes. De getallen vier en negen worden, net als in China, zoveel mogelijk vermeden – negen (?, ku) klinkt namelijk als het woord voor lijden.

Universele rituelen: van klavertjes tot hoefijzers

Sommige bijgeloven kennen geen grenzen. Het klavertje vier komt voor in vrijwel elke gokcultuur ter wereld, met een trefkans van slechts één op 5.076 in de natuur. Het hoefijzer boven de deur – maar wel met de opening naar boven, anders “stroomt het geluk eruit” – wordt overal geassocieerd met fortuin. En het getal zeven geldt in West-Europese en Amerikaanse culturen vrijwel universeel als geluksgetal.

Ook persoonlijke rituelen overstijgen landsgrenzen. Op dobbelstenen blazen voor een worp, dezelfde kleding dragen tijdens een toernooi, altijd dezelfde stoel kiezen aan de blackjacktafel: deze gedragingen zie je van Amsterdam tot Singapore. Pokerspeler Steve Dannenmann, die in 2005 tweede werd in de World Series of Poker, schreef zijn succes openlijk toe aan zijn bijgelovige routines.

Vrouwe Fortuna en de psychologie erachter

Waarom houden gokkers vol aan deze rituelen, ondanks dat ze diep van binnen weten dat een klavertje vier het roulettewiel niet kan beïnvloeden? Het antwoord ligt in de psychologie. Ons brein is slecht in willekeur. We zoeken patronen waar geen patronen zijn, en we hebben behoefte aan een gevoel van controle in een situatie die per definitie oncontroleerbaar is. Studies suggereren dat ongeveer 80% van de gokkers wel een of andere vorm van bijgeloof heeft.

De personificatie van geluk als Vrouwe Fortuna – die flirterige dame die af en toe haar gunsten verleent – is een tradities die teruggaat tot de Romeinse mythologie. Frank Sinatra bezong haar in “Luck Be a Lady”, en ze prijkt nog altijd op casinochips, krasloten en gokkasten. Praktisch gezien bestaat ze niet: alle casinospellen draaien op kansberekening en random number generators. Maar emotioneel? Voor miljoenen gokkers is ze springlevend.

Tot besluit

Of je nu een Oudejaarslot koopt bij die ene gelukswinkel in Hilversum, een klavertje vier in je portemonnee bewaart, of bij het craps-spel angstvallig het woord “seven” vermijdt: bijgeloof is een universele menselijke reactie op onzekerheid. Het beïnvloedt de uitkomst niet, maar geeft wel het gevoel van regie. En misschien is dat wel het echte geheim – niet dat je geluk afdwingt, maar dat je met meer plezier en zelfvertrouwen speelt. Zolang het bij plezier blijft, is daar niets mis mee. Want uiteindelijk is gokken vooral entertainment, en het moet leuk blijven. Speel verantwoord, stel limieten en onthoud: het huis wint statistisch altijd, hoeveel klavertjes vier je ook in je zak hebt.